Stop het Cabaret! (verschenen in Spits)

Naar aanleiding van de consternatie om zijn uitspraken belde ik met Meneer Cabaretgod (Theo Maassen, maar ik mag hem Meneer Cabaretgod noemen). Gaandeweg werd het gesprek steeds emotioneler, omdat we er achter kwamen dat wij als beroepsgroep de meest vreselijke dingen hebben gezegd, en aangezet hebben tot verschrikkelijke handelingen. En dat is niet iets van de laatste tijd. Iemand als Annie M.G. Schmidt heeft tot afgrijselijke daden aangezet: ‘Ransel je kind’, ‘duw oude dametjes van het trottoir af’ en ‘schiet je revolver leeg op (presentator) Pierre Jansen’. Eli Asser bagatelliseerde het ongemak van een leven zonder blinde darm en het verliezen van persoonlijke spullen bij brand, als ‘ie maar kon vissen. Ik vind dat behoorlijk kort door de bocht, en ik vraag me af of hij er ervaring mee heeft. Vast niet, anders schrijf je dat niet zo makkelijk op. Gerard Cox werd ooit opgepakt omdat ‘ie een lied zong waarin hij de koningin ‘Arme Ouwe’ noemde. Kaandorp zei haar baby oude kranten te voeren (waar was de kinderbescherming?), Drs P lachte om melaatsen, Dorrestijn zette sportende gehandicapten voor gek. De laatste twee zouden trouwens als ze deelnamen niet eens The Voice winnen, dus waarom ze op een podium staan is me een raadsel. Dit is slechts het topje van de ijsberg. We stonden erbij en hebben niemand behalve Gerard Cox gecorrigeerd, ondertussen werd het cabaret steeds zieker.

Cabaretiers, zeg niet zulke rare dingen. Stop met die grapjes, want je mag niet van je publiek verwachten dat het zomaar snapt wanneer iets een grap is en wanneer een mening, of ├╝berhaupt begrijpt dat het naar een theatervoorstelling zit te kijken en niet naar een lezing. Laat voorstellingen ongevaarlijk zijn, niet tot nadenken stemmen en vooral nergens over gaan, dan kan er ook niemand zich gekwetst voelen. Alleen nog woordgrapjes, laten we dat doen. Auf wiederschnitzel, tot sinas en de groenten.